Tagarchief: Portugal

Uit de supermarkt

Ik had ze al zien hangen in de hypermercado, maar ze geen blik waardig gegund. Bovendien moesten er andere dingen worden gekocht: fruit, shampoo, water en wat dies meer zij. En daarna een ijsje op het horecaplein.

Ik ben op vakantie. Zonder hardloopspullen. Niet dat ze niet op mijn lijstje stonden, maar toen de koffers uiteindelijk moesten worden ingepakt, moesten er ook nog 100 andere dingen. Teveel te doen in te weinig tijd. De minuten begonnen te tellen, een vliegtuig wacht niet en bovendien gingen de hardloopschoenen vorige keer ook ongebruikt mee terug, dus skippen maar die hardlooparafernalia! Besloot ik stoer. Na twee dagen had ik al spijt.

De dag daarop gingen we een filmpje pakken. Van tevoren nog even een hapje eten en wat inkopen doen in diezelfde hypermercado. “Ik ga even bij de sportspullen kijken.”, zei ik achteloos tegen mijn vrouw en mijn dochter. Toen ik mij weer bij hen voegde, zat er een paar knalblauwe hardloopschoenen in het mandje. De laatste in mijn maat. “Hardloopschoenen UIT DE SUPERMARKT?!” Ja lieve lezer, ik moest zelf ook even bekomen van de schrik. “Ga desnoods in je blote kont lopen, maar zorg dat je in ieder geval een paar goede schoenen aan hebt!”, roep ik tegen iedereen die het maar wil horen. En nu lag er een paar ‘hardloopschoenen’ op de band tussen de boodschappen voor een prijs waar ik normaal nog geen paar X-socks voor koop. Maar met in het achterhoofd dat ik hier in Portugal toch geen lange afstanden loop en dan vooral over onverharde wegen, dacht ik dat het wel moest kunnen. Ik had hier bij familie nog een oude zwarte zwemshort liggen. En vlak voor vertrek had ik op de Zwarte Markt nog een haltertop gescoord (3 voor een tientje). Dus ik kon gaan!

En hoe loopt dat dan? Hardloopschoenen uit de supermarkt. Nou, eigenlijk net als mijn vertrouwde Asics. Maar dan nádat ik er een jaar lang door weer en wind met mijn 98 kilo op heb lopen stampen. Geen enkele demping en geen zacht voetenbedje. Niet echt een aanrader dus. En ik vermoed dat ze na een aantal rondjes uit elkaar vallen. En het lijkt ook alsof de veters in de linker schoen langer zijn dan die in de rechter. Vooralsnog ben ik er zonder kleerscheuren vanaf gekomen. Nadien voelde ik alleen mijn Achillespezen een beetje. Maar dat zal ongetwijfeld ook te maken hebben met mijn wekenlange spijbel- en uitstelgedrag. Qua hardlopen. En dat katoenen shirtje van de Zwarte Markt kon ik uitwringen.

Vanaf nu maar weer stevig aan de bak. En volgend jaar toch maar weer good old GT-2000 in de koffer. Of eigenlijk liever meteen bij thuiskomst. Dan zitten ze er maar vast in. No excuse!

En die hardloopschoenen uit de supermarkt blijven achter in Portugal. Samen met die oude zwembroek en dat shirtje van de Zwarte Markt. Just in case.

Oude liefde

Een vaatwasser, een laptop, een mobiele telefoon, een printer. Zomaar wat apparaten in ons huis die er in de afgelopen jaren eerder de brui aan gaven dan je zou mogen verwachten. Alle beloftes ten spijt; veel dingen zijn nu eenmaal niet gemaakt om er lang plezier van te hebben. Bij de fabrikant, de importeur en de winkelier moet de schoorsteen tenslotte ook roken. Nee, dan vroeger. De pannen die mijn ouders aanschaften in 1968 staan hier, nadat wij ze helaas veel te voeg erfden, nog bijna dagelijks op het vuur.

Uitzonderingen bevestigen echter ook hier de regel. Toen ik vandaag mijn rondje liep, wierp ik zoals gebruikelijk regelmatig een blik op mijn horloge; een TomTom Runner van de eerste generatie. Ik gaf hem mijzelf cadeau met Kerst 2013. Toen ik in februari 2012 mijn eerste hardlooppassen zette, ging dat nog met de telefoon in de hand op de timer-stand. Twee minuten hardlopen en 1 minuut wandelen. Keer 10. Daarna ontdekte ik de runner-apps, maar eind 2013 was ik klaar met die telefoon aan mijn arm en was het tijd voor een echt hardloophorloge. Uiteindelijk viel de keuze dus op de TomTom Runner. Destijds een nieuwkomer op de hardloopmarkt en met de karakteristieke scrollknop op het bandje nét even anders dan de rest. Maar iets in mij zei dat het wel goed zat, tussen de Runner en mij.

En dat is gebleken. Vele lunch- en zondagmiddagloopjes, Damlopen, de Zevenheuvelenloop, de Marathon van Rotterdam, een rondje Texel of Toolenburgerplas, in de brandende Portugese zon, in de sneeuw of in de stromende regen; de Runner zit altijd om mijn pols, doet wat’ie moet doen en geeft geen krimp.

Natuurlijk heb ik wel eens verlekkerd gekeken naar het zoveelste mooie nieuwe fancy horloge met nóg meer mogelijkheden en kleurenscherm, maar waarom zou ik eigenlijk? De Runner voorziet mij van alle gegevens waar ik behoefte aan heb.

En het voelt ook een beetje als verraad om mijn trouwe Runner in te ruilen voor een jonger exemplaar. Die ziet er dan misschien wel strakker uit, maar dat is allemaal maar uiterlijke schijn. Uiteindelijk gaat het toch om de binnenkant. En al die mooie jaren samen, die gooi je niet zomaar weg.

En dus ligt de Runner, terwijl ik dit blog schrijf, weer in zijn docking station aan de laptop; synchroniseren en opladen voor de volgende keer. Ik hoop dat onze relatie nog lang stand houdt. Ooit zal het er toch van komen en zal ik een nieuw horloge aan moeten schaffen. Verdienen die fabrikant, die importeur en die winkelier ook weer eens wat. En is er bij hen ook weer geld om iets nieuws aan te schaffen. Een nieuwe vaatwasser, laptop, mobiele telefoon of printer bijvoorbeeld.

No meio do mato

Vijftien jaar kom ik nu al in dit dorp in het midden van Portugal. Het dorp waar mijn schoonvader is geboren en waar zijn moeder (de oma van mijn vrouw) nog steeds woont.

Door de jaren heen heb ik het dorp goed leren kennen. De omgeving ken ik, met dank aan mijn dochter, ook heel goed. In de periode dat zij nog haar middagslaapje moest doen was de enige manier om haar in slaap te krijgen (en te houden) door met haar te gaan rijden in de auto. Iedere middag een uurtje of twee. De door mijn dochter destijds veroorzaakte CO2 uitstoot was ongekend. Maar dat ligt inmiddels gelukkig alweer ver achter ons.

Dit jaar gingen voor het eerst de hardloopschoenen mee. Om tijdens de vakantie toch een beetje in vorm te blijven, maar ook om de omgeving eens op een andere manier te leren kennen. En dan met name die plekken die per auto niet bereikbaar zijn en plekken waar ik normaal niets te zoeken heb. En zo toog ik op een enigszins bewolkte ochtend op pad. Een flesje water had ik op dit tijdstip en onder deze omstandigheden niet nodig dacht ik. “Da’s allemaal maar extra gewicht.” FOUT!!! Al na een kilometer snakte ik naar een slokje water.

Ik had het plan opgevat om een paar kilometer langs de rivier te lopen, over een weggetje dat vast wel langs de rivier zou lopen. En dan zou er na een paar kilometer vast wel een brug of dam zijn en dan langs de andere kant weer terug. Dat was het plan. Maar al na een paar minuten lopen ging de rivier linksaf en het pad waarop ik liep naar rechts. En voor ik het wist liep ik midden tussen de olijfbomen, wijngaarden en verwaarloosde stukken land in een heel andere richting dan ik van tevoren had bedacht. Ik besloot ter plekke ‘de tijd de tijd te laten’ en de vakantiemodus aan te zetten: lekker genieten van de omgeving en af-en-toe even tijd nemen om een foto te maken. In een relaxed tempo slingerde ik door het landschap richting spoorlijn.

Brug over het spoor
Casal da Venda

Vlak voor de spoorlijn boog het pad naar links met in de verte een prachtige brug over het spoor voor fietsers en voetgangers. Aan mijn kant was het via een fijne hellingbaan een prettige klim ‘brug-op’. En aan de andere kant van de brug liep ik er gelijkvloers weer af om vervolgens via een steil straatje door het aldaar gelegen dorp weer naar beneden te denderen. Aangekomen op een t-splitsing werd het kiezen. Ga ik rechts in een poging de spoorlijn enigszins te volgen waarvan ik weet dat die mij mogelijk terugbrengt naar waar ik vandaan kom? Maar die wel stijl omhoog en bovendien een bos inloopt? Of kies ik toch maar links voor een weg die weliswaar iets van de spoorlijn afwijkt, maar wel lekker naar beneden gaat en die er iets minder afgelegen uitziet? Later leerde ik dat dat eigenlijk allemaal geen moer uitmaakt, want een weg linksaf stijl naar beneden blijkt na een bocht ineens toch weer rechtsaf stijl omhoog te lopen.

Ik koos voor de weg stijl omhoog en werd na het nodige klimwerk beloond met een prachtig uitzicht. Vanaf dat punt nam ik een doorgaande weg die geleidelijk aan naar beneden liep. Een enigszins hachelijke onderneming, want er wordt hard gereden, de bochten zijn onoverzichtelijk en stoepen en fietspaden kent men hier niet. Gelukkig zie je mij met mijn bijna twee meter en fluorescerende shirt niet zo gauw over het hoofd. Anderzijds lopen die oude vrouwtjes hier ook al hun hele leven en die hebben het blijkbaar ook overleefd.

Triomfboog
Gabrieis

Terug in het dorp was ik nog niet moe en besloot ik er nog een lusje aan vast te knopen en aan de andere kant het dorp uit te lopen. Na een mooie klim kwam ik deze prachtige door moeder natuur gevormde triomfboog tegen. “Mooier wordt het niet!”, dacht ik. “Tijd om terug te gaan.” En eerlijk gezegd was ik ook best moe en was inmiddels de zon gaan schijnen. En ik had dorst. Na ongeveer 10 km. was ik weer thuis. Gemiddelde snelheid was natuurlijk dramatisch, maar daar ging het ook niet om. Volgende keer wel een flesje water mee.